Grote klis en koninginnenkruid

Grote klis en koninginnenkruid

Arctium lappa en Eupatorium cannabinum

Sommige planten worden vaak en veel gegeten door de paarden. Er zijn ook planten die ze al jaren voorbij lopen en dan worden er plotseling toch een paar happen van gegeten. Dit is ook het geval bij de grote klis en koninginnenkruid.

Grote klis
De grote klis, Arctium lappa, ook wel de grote klit genoemd, is bij vele paardeneigenaren wel bekend. Zeker wanneer je paard veel behang heeft of een flinke wintervacht. Maar ook het beeld van konikpaarden waarvan de manen en staart helemaal vol zitten met zaden is bij velen bekend.

De plant is het grootste gedeelte van het jaar niet aantrekkelijk voor paarden en andere grote grazers. Maar wanneer de bloemen zijn uitgebloeid en de zaden gevormd, dan blijkbaar wel. De planten zorgen ervoor dat de dieren zodanig dichtbij komen dat de zaden in hun manen en staart blijven klitten. De zaden van deze plant kun alleen verspreid worden doordat onder andere paarden er langs lopen of grazen. Door de weerhaakjes aan de zaden blijven de zaadbollen haken in manen en staart maar ook in beenbeharing. Vooral wanneer het nat weer is krijg je de zaadbollen er maar moeilijk uit. Daarom laat ik ze tegenwoordig vaak zitten en wat mij opviel is dat de zaden dan na een dag of drie verdwenen waren. Het is ook niet de bedoeling dat de zaden blijven zitten want dan worden ze niet verspreid om vervolgens weer ergens anders te kunnen kiemen. Dit gebeurt ook zo bij konikpaarden en runderen die in het najaar en winter de manen en staart helemaal vol hebben zitten met zaden en in het voorjaar is alles er weer uit. De zaden brengen ook geen schade toe aan de dieren.

Het zijn niet alleen de bladeren die eetbaar zijn maar ook de wortels. Ik heb alleen Hanna van de bladeren en bloemknoppen zien eten. De grote klis bevat de vitaminen C, B1, B2, B3, B6, E en biotine. En de mineralen kalium, calcium, magnesium, ijzer, mangaan, zwavel, silicium, koper, chroom, kobalt, kwik, aluminium, fosfor, selenium, tin, natrium en zink.

De grote klis is geen onbekende in verschillende stromingen van de traditionele geneeskunde. In de hedendaagse fytotherapie worden de bovengrondse delen van de grote klis gebruikt als een zwak urineafdrijvend, vochtafdrijvend en bloedsuikerverlagend middel. Maar het kan ook ingezet worden bij huidaandoeningen zoals acne, eczeem en schilferende huidaandoeningen omdat het de talgfunctie regelt. De wortel zou de gal- en leverwerking stimuleren en bloedzuiverende en ontgiftende eigenschappen hebben.

De inheemse plant houdt de grote klis van ruigten, struwelen en bossen. Hij gedijt het best op een vochtige, zeer voedselrijke bodem. Met name in het rivierengebied en aangrenzende landschappen maar hij is ook te vinden op bijvoorbeeld industrieterreinen, havengebieden en langs spoorwegen. De grote klis bloeit in juli en augustus en wordt graag bezocht door bijen, hommels en vlinders, met name de distelvlinder.

Koninginnenkruid
Koninginnenkruid, ook wel leverkruid genoemd, is vooral in de tuinplantenwereld een grote bekende want onder de juiste omstandigheden kan deze wel 2 tot 4 meter hoog worden. Hier gaat het dan om de Eupatorium purpurea en daarom ontstond er bij mij verwarring toen ik in het bos een lagere variant tegen kwam. De vorm van de bloemen was hetzelfde maar de plant was minder hoog, de bladrand was niet gekarteld zoals bij de tuinvariant en de bloemkleur was ook anders. Na wat speuren op internet en navragen kwam ik er achter dat het om de Eupatorium cannabinum zou moeten gaan. Het is dus goed mogelijk dat er kleine afwijkingen voorkomen in bloemkleur en bladvorm maar dat het dan nog wel over dezelfde plant gaat. Het koninginnenkruid had afgelopen zomer wel mijn aandacht getrokken doordat de bloemen druk bezocht werden door bijen en vlinders maar ik heb er verder niets meegedaan omdat het leek alsof de paarden er totaal geen interesse in hadden. Tot half november, toen besloot Noah dat de zaden wel erg interessant waren en hij de zaadhoofden begon te eten.

Koninginnenkruid houdt erg van natte tot vochtige voedselrijke kalkhoudende bodem. Het groeit in het algemeen op kapvlakten, in lichte bossen, langs bosranden en oevers. Eupatorium wordt graag bezocht door dagvlinders, honingbijen, hommels en solitaire bijen.

Over de voedingswaarde van koninginnenkruid kan ik niets vinden. Ik denk dat het er mee te maken heeft dat er wel een waarschuwing uitgaat voor deze plant en dan met name de wortels. Eupatorium cannabinum bevat namelijk pyrrolizidine-alkaloïden; dit is dezelfde stof die je ook terugvindt in jacobskruiskruid. Volgens de reguliere geneeskunde is deze stof slecht voor de lever en zelfs kankerverwekkend. In de natuurgeneeskunde wordt hier anders naar gekeken en aangenomen wordt dat pyrrolizidine-alkaloïden juist leverziekten kunnen genezen. Uit onderzoek is gebleken dat er geen toxische bijwerkingen optreden bij therapeutische doseringen. Uit voorzorg wordt binnen de fytotherapie maandenlang gebruik van deze plant afgeraden en is zeker alleen in te zetten door een therapeut met verstand van zaken. Er zijn overigens genoeg veilige alternatieven om de lever te ondersteunen, hierbij kan je bijvoorbeeld denken aan paardenbloem, mariadistel, artisjok en kurkuma.

Interessant om te weten is dat deze waarschuwing niet geldt voor Eupatorium purpurea die geen medicinale werking heeft voor de lever. Van deze plant worden de wortels onder andere ingezet bij blaasproblemen, urinebuisontsteking en baarmoederproblemen.

Wanneer je wel gebruik zou willen maken van de kracht van Eupatorium cannabinum is het raadzaam het preparaat te maken aan het begin van de bloei. De bloemen moeten direct gebruikt worden omdat de werkzaamheid ervan vermindert als ze blijven liggen. Dus toen Noah half november de zaden van de verdorde planten at was ik niet bang dat hij veel schadelijke stoffen binnen zou krijgen. De zaden worden ook graag gegeten door onder andere de vink en de goudvink.

Het blijft boeiend om te zien hoe paarden die maar een beperkte tijd in vrijheid kunnen bewegen en grazen toch hun instinct weer ontwikkelen en gebruiken. Jaren lopen ze de planten voorbij om er dan toch plotseling interesse in te hebben en dan bedachtzaam een klein deel van de plant op te eten. Ik ben er van overtuigd dat elk paard dat (weer) kan ontwikkelen en ik kijk er reikhalzend naar uit om deze ontwikkeling ook bij Molly te kunnen volgen.

Bronnen:
De historia naturalis, geschiedenis van de kruidengeneeskunde Marcel de Cleene
Groot handboek geneeskrachtige planten Dr. Geert Verhelst
Vademecum wilde planten Arie Koster

www.naturetoday.com/intl/nl/nature-reports/message/?msg=18308 ,Grote grazers als zaadverspreiders
www.mens-en-gezondheid.infonu.nl/alternatief/108493-de-geneeskracht-van-grote-klit.html
www.ecopedia.be/planten/grote-klit
www.mens-en-gezondheid.infonu.nl/natuurgeneeswijze/120538-de-geneeskracht-van-koninginnenkruid.html
www.mens-en-gezondheid.infonu.nl/natuurgeneeswijze/120585-de-geneeskracht-van-purper-leverkruid.html
www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/pyrrolizidine-alkalo-den.aspx

Het voeren van de door mij besproken planten aan paarden is volledig op eigen risico. Ik beschrijf louter de observaties van mijn eigen paarden en ben geen arts of therapeut. Bij ziektes altijd een arts of kundige therapeut raadplegen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *